rss search

Waarvoor dient de kerk?

line

Ik heb een boek in de kast staan met als titel „They like Jesus, but not the Church”. Dat beschrijft heel accuraat de houding van een groot deel van het westen tegen over de kerk. Je zou kunnen zeggen dat de reputatie van de kerk op z’n dieptepunt is. In het zuiden en oosten houden mensen niet van de kerk omdat de kerk niet is zoals hun religieuze leiders: Mohammed, Boeddha of de Hindu-goden. In het westen houden de mensen niet van de kerk omdat de kerk niet is zoals de eigen religieuze leider: Jezus. Misschien is dit wat te zwart-wit gezegd, maar iedereen voelt wel aan dat de kerk in het westen na moet denken over zichzelf. Daarom moet deze vraag gesteld worden: „Waarvoor dient de kerk?”

Ik heb mezelf dat ook vaak afgevraagd. Heel, heel lang geleden, toen ik zes of zeven was, herinner ik mij dat we ons opmaakten om naar de kerk te gaan. Het was oudejaarsavond en ik had, zoals altijd, beslist geen zin om te gaan. Mijn vader zei: „Toe nou, jongen. Het is de laatste keer van het jaar.” „Ik vroeg: hoef ik dan het hele jaar niet meer naar de kerk?” „Dat klopt”, zei mijn vader. Maar ik wist niet dat het nieuwe jaar de volgende dag al zou beginnen. En dat ik binnen een paar dagen al in de houten banken zou zitten.

En ik haatte dat! Ik haatte het om naar de kerk te gaan. En dat wist iedere kerkganger die de pech had om in een straal van een meter naast mij te zitten. Op goede zondagen tekende ik een kladblokje vol en zong ik zelf verzonnen stempartijen op de psalmen en gezangen. Op wat mindere zondagen rolden pepermuntjes onder de banken door, probeerde ik daar achteraan te duiken en becommentarieerde ik de preek in het oor van ieder die het wel of niet wilde horen. In een bepaalde duistere fase van mijn jeugd werd ik standaard naar mijn kamer gestuurd na afloop van letterlijk iedere kerkdienst. Mijn ouders hoefden op het laatst niets meer te zeggen: ik schopte mijn schoenen uit, hing mijn jas op en liep direct door naar boven.

Wat een ironie dat ik nu een bedrijf heb in het verbeteren van de kerkdienst! Dat is precies hoe God werkt. Hoe minder een bepaalde taak bij je past, hoe groter de kans dat Hij je precies dat laat doen. Dus als je er niet tegen kunt dat mensen lopen te klagen over hun problemen, dan word je misschien al klaargestoomd voor het pastoraat. En als je kinderen niet kunt uitstaan, geef je dan maar alvast op voor de crèche. En als je je eigen TV niet eens aan kunt krijgen ligt er misschien wel een bediening in de geluidstechniek voor je in het verschiet. Je weet maar nooit.

Maar terug naar ons thema: waarvoor dient de kerk? Als iemand op school of op je werk vraagt waarom je eigenlijk naar de kerk gaat, wat antwoord je dan? Er zijn veel theologische boeken over geschreven maar ik betwijfel of je daar mee verder kunt. Zo noemt een bepaalde professor 21 redenen. Onder andere „om een gewoonte vol te houden”, „om een traditie voort te zetten”, „een bijdrage te leveren”, „eventueel een ambt te dragen” en „het kerkelijk jaar mee te maken”. Dat kan wel waar zijn, maar ik heb er niets aan. Ik ga niet elke zondagochtend vroeg uit bed komen, mijn hele gezin meesleuren, een poos in de auto zitten, de dienst uitzitten en terugrijden om een bepaalde traditie vol te houden. Die prijs is best hoog. Té hoog om het te doen omdat het nu eenmaal altijd zo gedaan is.

We gaan op zoek naar een beter antwoord. En waar beter dan daar waar de kerk ontstaan is? Dat is net na de dood, opstanding en hemelvaart van Jezus. De volgelingen van Jezus maken mee dat de Heilige Geest plotseling in hen komt. Daardoor worden ze zo enthousiast dat ze letterlijk in vuur en vlam staan. Ze vertellen omstanders wat er met hen is gebeurd en dat gebeurt een beetje chaotisch. Totdat onze stoere visser, Petrus, wat harder gaat praten en zich richt tot alle omstanders. Hij steekt de eerste preek af. We lezen verder in handelingen 2:41-47.

Vers 41: „Zij nu die zijn woord met vreugde aannamen, werden gedoopt; en ongeveer drieduizend zielen werden er op die dag aan hen toegevoegd.” Opmerkelijk vers. Heb je de preek van Petrus wel eens gelezen? Laat me hem voor je samenvatten in één zin. „Jullie hebben Jezus vermoord en  aangezien Hij God zelf was, hebben jullie daarmee de ultieme kosmische fout gemaakt aller tijden. Zo’n blunder is er nog nooit begaan, en dat zal ook nooit meer gebeuren. Dus: bekeer je.” Respons: 3000 mensen zijn blij om dat te horen en nemen een nat pak op de koop toe.

Deze mensen, die blij werden om de gekste dingen, vormden de eerste kerk. En wat deden ze? We gaan naar vers 42. En let nu goed op, want ik heb iets moois ontdekt.
Vers 42: „Ze bleven trouw aan het onderricht van de apostelen, vormden met elkaar een gemeenschap, braken het brood en wijdden zich aan het gebed.”

Hier staan vier dingen. Het eerste is: „Ze bleven trouw aan het onderwijs van de apostelen”. Dat onderwijs ging met name over Jezus. Over Zijn leven, Zijn dood en het feit hij was opgestaan. Dat laatste was voor hen niet een kwestie van: „Dat staat in onze oeroude belijdenisgeschriften”, maar meer een kwestie van „Bij Jonathan is hij langs geweest op donderdag, Bij Phillis op vrijdag en op Sjabbat at Hij een matze mee met Mattheüs”. In 1 Korinthiërs 15 lezen we dat maar liefst 500 mensen hebben verteld over een ontmoeting met Jezus na Zijn dood.

Punt 1 is onderwijs, punt 4 is gebed. Waarvoor dient de kerk? Om de waarheid omtrent God door te vertellen en het contact met God te herstellen en te onderhouden. En wat staat daar precies tussen in? Punt 2 en 3. Samen een gemeenschap vormen. Samen eten en herinneringen ophalen. Met de officiële en dure woorden gezegd: „Het gedenken van de Here Jezus” en „het vormen van een gemeenschap”. Met dat laatste woord moet een beetje opgepast worden, want heel veel mensen denken daarbij aan iets anders.

Punt 1 en 4 zijn zogenaamde „verticale” punten. Verticaal betekent van boven naar onder. God is boven, en wij zijn beneden. Het gaat over onze relatie met God. Punt 2 en 3 zijn horizontale punten. Van links naar rechts. Wij staan naast elkaar. De punten gaan over onze relatie met elkaar. En een verticale lijn en horizontale lijn vormt samen… Het kruis.

Lezen we vers 43 tot 47, dan ontdekken we exact hetzelfde. Vers 43 spreekt over wonderen die gebeurden, waardoor de hele omgeving ademloos toe zat te kijken. En vers 47 spreekt over aanbidding. De kerk liet zien dat ze van Jezus hield en zong, juichte, knielde. En dacht de omgeving „Wat een weirdo’s, wat doen ze gek”? Nee, ze stonden in aanzien bij het volk en God zorgde dat mensen vanzelf de deur van de kerk plat werd gelopen. Punt 1 en punt 4 in dit rijtje zijn verticale punten. God en mensen die samenwerken. En punt 2 en 3? Weer exact hetzelfde als in vers 42. Weer de gemeenschappelijkheid en het samen eten en gedenken.

Dit noemen we een „inclusio”. Niet alleen in de woorden en zinnen zit een boodschap, maar ook in de manier waarop het is opgeschreven. De boodschap van deze inclusio is dit: Het hebben van een relatie met elkaar is omsloten door het hebben van een relatie met God. Dat klinkt heel erg moeilijk, dus laat het me op een andere manier zeggen.

Je neemt een bolletje van de bakker, en snijdt hem open. Daartussen doe je het beleg; bijvoorbeeld kaas. En dan heb je een broodje kaas in handen. Aan het broodje zelf zit weinig smaak. En alleen kaas vult niet. Maar als je kaas laat omsluiten door het brood, dan heb je een voedzame en smaakvolle maaltijd.

Zo is het ook met de kerk. Als een kerk alleen bezig is met God en het goddelijke dan wordt het een kille, droge kerk. Een kerk waar geen liefde is, maar wel spanningen, haat, nijd, achterdocht, machtsmisbruik en desinteresse in elkaar… Dat is een droog brood. Het voedt je. Maar met weinig plezier.

Je hebt ook kerken waar het gezellig is. Het gaat daar om de gezamenlijke geloofsreis en het geloofsgesprek maar echte kennis van wie God is en wie Jezus is ontbreekt. Men bidt nauwelijks en de Bijbel wordt niet serieus genomen. Zo’n kerk is een plakje kaas. Lekker, maar het vult niet. Je loopt net zo leeg de deur van de kerk uit, als dat je de kerk binnenkwam.

De kerk heeft een verticale functie en een horizontale functie. Ze zijn niet los van elkaar verkrijgbaar. Waarvoor de kerk dient? De kerk is er om elkaar te dienen en God te dienen.

In de prekenserie „spreken met God” vertel ik heel wat over de omgang van God; nu richt ik me meer op de omgang met elkaar. Met heel veel plezier zelfs, want er zitten nog twee geheimen verstopt in deze verzen.
Terug naar vers 42. Daar staat dat de gedoopten een gemeenschap vormden. Dat is zwak uitgedrukt. Het ging namelijk wat verder dan het oprichten van een vereniging. Het woord dat gebruikt wordt voor „gemeenschap” is koinonia. En dat woord had zowel voor de Grieken (aan wie Lucas het boek handelingen met name schreef) en voor de Joden een bijzondere betekenis. Het was het hoogst haalbare qua harmonieus samenleven. Zowel beroemde Griekse wijsgeren – denk aan Pythagoras – als invloedrijke sekten in het Jodendom – denk aan de Essenen, beroemd van de Dode Zee Rollen – streefden er naar om op die manier samen te leven. En Lucas zegt: hier is het gelukt. Hier is koinonia. De manier waarop er binnen de kerk met elkaar omgegaan werd, was jaloersmakend. Dat maakte de kerk woest aantrekkelijk.

Is dat nog steeds zo? Verdringen mensen zich om bij de kerk thuis te horen vanwege de liefde en de zorg en de aandacht?

In de verzen 44-46 wordt precies verteld wat nu zo bijzonder aan die gemeenschap was. „Ze hadden alles gezamenlijk”. Er was niemand rijker dan de andere, want iedereen stelde zijn bezit beschikbaar. Er was dus vertrouwen onderling. Iedereen vond de ander net zo belangrijk als zichzelf. Niemand kreeg een groter stuk van de taart.

Armoede teistert onze planeet.
1% van de wereldbevolking heeft de helft van het bezit
De 85 rijkste mensen op de aarde hebben evenveel bezit als de armste 50% van de wereld.
In bijna alle landen is het verschil tussen rijk en arm groter geworden.
Sinds de crisis zijn de rijken opgekrabbeld en de armen nog armer geworden.

Deze wereld heeft weer een kerk nodig die durft te delen. Dit is uitdaging 1.

Verder lezen we dat er in de eerste kerk dagelijks bijeenkomsten waren. Ze kenden elkaar. Ze vluchten de tempel niet uit nadat Petrus’ preek was afgelopen. Nee, ze bezochten elkaar en spraken met elkaar. Geen jachtigheid; nee. Echt contact.

Wist je dat dertig jaar geleden 7% van de mensen aangeeft dat ze geen niemand hebben om belangrijke dingen mee kunnen delen? Dat is bijna één op de tien. Maar dat is een oud gegeven. Duke University heeft een nieuw onderzoek uitgevoerd. Want sinds dat laatste onderzoek is internet en social media opgekomen en hebben mensen honderden vrienden. Kijk maar eens achter je naam op Facebook. En wat blijkt? 25% van de mensen geeft aan dat ze niemand hebben om belangrijke dingen mee te delen. Eén op de vier.

Waarvoor dient de kerk? Daarvoor. Dit is uitdaging 2.

Lucas heeft nog één geheim verstopt in dit stukje tekst.

Lees eerst Handelingen 2:47 en daarna uit het andere boek van dezelfde schrijver; Lucas 2:52. Wat is de grote overeenkomst? Jezus stond in het begin in de gunst van de mensen, en later niet meer. De kerk stond in de gunst bij de mensen, maar later niet meer. De gemeente in Jeruzalem werd na korte tijd ook vervolgd. Waar de schrijver Lucas naar toe stuurt is: de kerk vertelt niet alleen over verschijningen van Jezus op aarde, maar is zelf de verschijning geworden. De kerk is Jezus. Of zoals de schrijver Paulus zegt in één van zijn brieven (1 Cor. 12): wij zijn het lichaam van Jezus. Wij zijn lichaamsdelen van elkaar.
En dat heeft een aantal consequenties:
Als één lichaamsdeel pijn heeft – zeg je kleine teen – dan lijdt het hele lichaam mee. Lijd jij mee met andere leden?
We kunnen niet weglopen van elkaar. Als jij uit je kerk weg loopt, dan betekent dat een amputatie. Die gemeente mist iets vanaf dat moment.
Als jij elke zondag naar de kerk gaat en verder niets doet binnen dat lichaam, dan ben je waarschijnlijk een blinde darm. Er is maar één blinde darm in een lichaam. En zelfs die kan gerust verwijderd worden. Wees geen blinde darm!
Van lichaamsdelen mag worden verwacht dat ze naar het Hoofd luisteren. Het hoofd is Jezus Christus. Doe je dat niet, dan heeft het lichaam een tic. Dan beweegt het spastisch. En o, wat zie je een hoop spastische bewegingen bij kerken de laatste tijd. Mensen die dingen doen of zeggen waarvan ik zeker weet dat dat niet uit opdracht van het Hoofd is geweest.

Waarvoor dient de kerk? De kerk dient God en mensen. Net zoals Jezus dat deed. Want de kerk is als Jezus.

En jij, ben jij de kerk? Hoor jij er bij? Wil jij je vereenzelvigen met dit krimpende, ruziënde, ernstig onvolmaakte mensen? Ik hoop het. Want misschien, met jou er bij, kunnen we er wat aan veranderen.



Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *